Menu

Algemeen

Vanuit eerdergenoemde pijlers uit onze visie wordt het werkplekleren op onze opleidingsschool vormgegeven. Daarbij worden docenten in opleiding (dio) gestimuleerd om met een helicopterview naar hun eigen leerproces te kijken. 

Een manier om dit te doen is onder andere in een peergroep. Daarnaast helpen peergroepen om het samenwerken en ‘samen leren’ te versterken. Samenwerken is een steeds belangrijker aspect in professionele situaties waarin sociale dynamiek en complexiteit van het werk toenemen (werken in teams, ketens en netwerken).

 

 

 

 

 

 

 

 

De peergroepen bestaan uit docenten in opleiding vanuit diverse vakken en die stage lopen in diverse clusters/sectoren/ teams waardoor de dio direct meer kennis kan maken met de diversiteit van het mbo. Een procesbegeleider (PB) begeleidt dit proces vanaf de zijlijn. 

Naast de deelname in een peergroep en begeleiding van de procesbegeleider, wordt iedere docent in opleiding gedurende de hele periode van het werkplekleren begeleid en beoordeeld door een werkplekbegeleider (WPB), schoolopleider (SO) en instituutsopleider (IO). 

Deze mensen zijn geschoold en zijn inhoudelijk goed op de hoogte van de verschillende stages die de opleidingsschool biedt en welke begeleiding daarbij noodzakelijk is. In het leerproces van de docent in opleiding zijn de begeleiders en beoordelaars zich bewust van het belang van de vier pijlers van de opleidingsschool. Zij ondersteunen dit proces door de docent in opleiding bewust in aanraking te brengen met verschillende contexten en stimuleren daarbij nieuwsgierigheid en kritisch denken. 

De werkplekbegeleiders zijn in staat het dagelijks begeleiden vorm te geven en de inhoud van de begeleiding af te stemmen op de vraag van de student. Zij stimuleren de koppeling van de theorie met de praktijk en voeren regelmatig lesobservaties uit. Tijdens begeleidingsgesprekken komen onderdelen van planning en oriëntatie op taken, het stellen van doelen, het systematisch uitvoeren van de plannen en reflectie steeds terug.

De schoolopleiders (en instituutsopleiders) ondersteunen de werkplekbegeleiders en voeren lesbezoeken uit in perioden van beoordelen.

De instituutsopleider tenslotte bewaakt of de kwaliteit van de beoordelingsmomenten voldoen aan de eisen van de opleiding.

Uiteraard is het opleiden van een docent in opleiding een team effort, alle teamleden kunnen worden gevraagd een aandeel te leveren in de ontwikkeling van de docent in opleiding tot startbekwaam docent. 

 

 

"De IO zie ik voornamelijk bij de evaluaties, hierbij deelt hij actief mee en probeert hij mee te denken in hoe ik mijn leerproces kan verbeteren/aan kan pakken. De SO zie ik wat vaker. Zij komt af en toe bij mij in de les voor een beoordeling maar ook krijg ik van haar intervisie. Ik krijg van haar duidelijke feedback waarbij zij voorbeelden benoemd, hier kan ik dan weer mee oefenen voor de volgende keer."
Marloes Koster – werkplekleren 2a/2b

"De IO is tot op heden alleen nog aanwezig geweest bij mijn tussenbeoordelingsgesprek; komende week komt hij op lesbezoek. De SO is twee keer op lesbezoek geweest, waarvan één keer een prettige ervaring was en één keer wat minder prettig. De tweede les ging niet erg goed, waardoor ik veel negatieve feedback te verwerken kreeg. Zoals eerder benoemd, ben ik al uitzonderlijk kritisch op mezelf waardoor ik het vertrouwen flink daalde. Zeker omdat er voor mijn gevoel veel van dit lesbezoek afhing. Hier hebben wij later alsnog een goed gesprek over kunnen hebben, wat voor mij weer erg leerzaam was omdat ik op deze manier toch een spiegel voorgehouden kreeg; hoe kom ik op anderen over en wat straal ik uit?"
Renske Willems – KOP-opleiding semester 1