Menu

Wat onze studenten zeggen

Wat ervaar je als een sterk punt van Werkplekleren bij A&A?

"Als ik specifiek kijk naar mijn stage, vind ik dat ik mijzelf serieus genomen voel. Niet alleen in de rol van stagiaire, maar ook als persoon. Ik heb het idee dat ik word gezien als teamlid door zowel collega’s als door de teamleider. Daarbij wordt rekening gehouden met het feit dat ik nog lerende ben en worden mijn verantwoordelijkheden en taken stapgewijs uitgebouwd."
Renske Willems – KOP-opleiding semester 1

"Het belangrijkste sterke punt van de opleidingsschool is dat ik de ruimte krijg om mijn eigen stijl voor de klas te ontwikkelen. Ik mag mijn eigen materiaal ontwikkelen om te kijken of dit werkt en de opdrachten zo aanpassen dat ze bij mij en de studenten passen."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3

"Dat je behandeld wordt als collega, niet als maar een stagiair."
Bastiaan Gerrits – werkplekleren 1

Op welke wijze heb je ervaring opgedaan met 'leren in diversiteit'?

"Ook per opleiding hebben de studenten net wat anders nodig van Engels, ze moeten de taal op een verschillende manier toe kunnen passen. Ik ben aan het leren hoe ik voor de studenten inzichtelijk kan maken waarvoor ze de Engelse taal nodig kunnen hebben en waarom het voor hen nuttig is om bijvoorbeeld een grammaticaregel te leren. In samenwerking met mijn wpb probeer ik stap voor stap mijn lessen steeds meer beroepsgericht te maken voor de studenten. Zo kunnen zij de link leren leggen tussen de taal en het beroep en zullen zij een hoger leerrendement hebben."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

"Maar tijdens het lesgeven op deze stage heb ik veel diversiteit gezien. Zo zijn er grote fysieke verschillen, motorische verschillen, (meta)cognitieve verschillen. Maar de grootste diversiteit zit naar mijn idee in het gedrag van alle studenten, vooral bij het vak bewegings onderswijs kan er ander gedrag getoond worden, dit omdat dit uit de “normale setting” is. De ene student heeft erg veel moeite om zich te motiveren voor het vak, terl een andere student direct intrinsiek gemotiveerd is en meteen aan het werk gaat."
Harm Vaags – ALO hoofdfase 2.

Op welke wijze wordt het nemen van regie over je eigen leerproces gestimuleerd?

"Ze laat heel veel aan mij over en sluit zo veel mogelijk aan bij wat ik nodig heb. Ze laat me heel erg vrij en geeft me veel vertrouwen. Dit vraagt van mij meer initiatief en ben ik verantwoordelijk voor mezelf."
Evi van Ooijen – werkplekleren 2 deeltijd

"Doordat ik nu mijn lessen zelf organiseer en zelf beslis wat ik vind dat de studenten moeten kennen en kunnen, heb ik een grotere verantwoordelijkheid naar de klassen toe. Ik vind het nu belangrijker en leuker om te verbeteren in mijn lesgeven, om mijn studenten zo goed mogelijk te begeleiden naar de examens toe."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

Op welke wijze werd je ondersteund bij het koppelen van theorie en praktijk?

"Tijdens mijn evaluatie hebben wij dit onderdeel besproken. Ik ben hier vervolgens bewuster mee omgegaan. Ik kwam meer tot besef dat het goed voor mijn ontwikkeling kan zijn om bepaalde informatie extern ergens vandaan te halen en dit eigen te kunnen maken zodat het bij mij past in het docentschap. Ik heb theorie gezocht over datgene waar ik tegenaan liep en deze theorie heb ik geprobeerd te verwerken in een les. Dit heeft mij opgeleverd dat ik na deze les heel bewust heb kunnen reflecteren door de theorie erbij te pakken en te kijken naar wat ik hiermee heb gedaan, hoe ik dit heb toegepast en wat dit betekende voor de studenten."
Marloes Koster – werkplekleren 2a/2b

"Bij de intervisie heb ik de mogelijkheid om vragen te stellen over zaken waarop ik tijdens mijn lessen vastloop, maar ook om te delen wat er juist er goed gaat tijdens mijn lessen. Een ander prettig punt van deze bijeenkomsten vind ik dat ik ook van de ervaringen van anderen kan leren, door met anderen in gesprek te gaan doe je veel ideeën op. Het leuke aan de intervisie vind ik ook dat de deelnemers allemaal een andere achtergrond hebben."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

"Doordat ik ruimte kreeg door te experimenteren binnen mijn lessen en verschillende theorieën kon koppelen. Zo heb ik verschillende motivatie theorieën gebruikt en een aantal prestatie theorieën ingezet."
Harm Vaags – ALO hoofdfase 2

"Ik lees en beheers de theorie die ik lees vrij snel en gemakkelijk. Ik bespreek met mijn WPB-er wat ik van de theorie uitgeprobeerd of geobserveerd heb tijdens mijn lessen. Dit doe ik deels om te verantwoorden dat ik de theorie dus lees. Voor de rest vind ik het ook deels mijn eigen verantwoordelijkheid om de koppeling tussen praktijk en theorie te maken en niet dat dit per se vanuit WBP/IO/SO moet komen."
Sandra Boertien – Minor docent worden in VO/MBO.

"De SO heeft mij dit als tip gegeven: meer theorie in voorbereiding gebruiken. Daarnaast gaf ze een model van hoe leraren leren mee als tip."
Evi van Ooijen – werkplekleren 2 deeltijd

Begeleiding

"Door perspectief te bieden en advies wanneer ik ernaar vraag."
Bastiaan Gerrits Werkplekleren 1

"Zelf ben ik een student die de neiging heeft om alleen naar de verbeterpunten in mijn lessen te kijken. Tijdens deze stage, door verschillende lesbezoeken, ben ik bewust gemaakt van de zaken die ik wel erg goed doe. Ik krijg de ruimte en de tijd om op mijn eigen tempo en mijn eigen manier aan mijn verbeterpunten te werken. Zelf zou ik snel al mijn punten van aandacht aan willen pakken in de lessen, maar ik word erop gewezen dat ik al erg goed bezig ben en dat ik niet te veel tegelijk moet willen verbeteren en doen."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

"Ik ben zelf ontzettend tevreden over de begeleiding van mijn werkplekbegeleider. Allereerst maakt hij méér dan genoeg tijd voor me vrij en neemt hij mijn leerproces daarin erg serieus. Ik hoef nooit om tijd te vrágen en als dat sporadisch wel het geval is, is dat ook werkelijk geen probleem. Ten tweede vind ik dat ik zeer bruikbare feedback krijg, maar dat hij ook goed omgaat met feedback die ik aan hem geef. Zo heb ik een tijd terug aangegeven dat ik het prettig zou vinden om wat meer focus aan te brengen in de feedback, zodat ik gericht aan enkele punten kon werken in plaats van elke keer een hele lijst moest verwerken. Daar heeft hij heel begripvol op gereageerd en sindsdien werken wij ook op deze manier, die ik zelf heel prettig vind. Ten slotte is hij begaan met mij als persoon en houdt hij rekening met de manier waarop ik mezelf optimaal kan ontwikkelen. Zo is de afgelopen maanden gebleken dat ik meer dan kritisch ben op mezelf, waardoor ik er juist baat bij heb om te horen wat goed gaat. Deze punten zie ik zelf namelijk minder duidelijk, maar zijn ook relevant voor mijn ontwikkeling."
Renske Willems – KOP-opleiding semester 1.

"Tijdens een lesbezoek heb ik van mijn SO feedback gekregen op wat ik doe vanuit een ander perspectief dan mijn wpb dit doet. Mijn wpb ziet mij meerdere malen per week en kent mij in de samenwerking met de rest van het team beter dan de SO. Dit maakt dat ik op een andere manier nadenk over wat ik tijdens mijn lessen doe. De combinatie van deze verschillende visies op mijn handelen en werken tijdens de les, helpen mij om meer uit mijn lessen te halen en de studenten meer te kunnen bieden."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

Curriculum

"Het omgaan en het lesgeven aan (bijna)volwassene en dus leeftijdsgenoten. Dit was voor mij nieuw en door deze stage zeker handvaten gekregen om hier mee om te gaan."
Harm Vaags – ALO hoofdfase 2.

"Een centraal onderwerp (zoals bijvoorbeeld passend onders en zorgstructuur) in intervisiebijeenkomst vind ik heel goed. Prima om daar als aankomend docent wat over te horen. (Tip voor themabijeenkomsten: let op het gebruik van afkortingen. Licht afkortingen toe). Verder lijkt mij de Rijn IJssel Tour ook goed (verbreedt blik) en leuk :D."
Cinthy Moorman - NT2 opleiding

Onderzoek

"De onderzoekskring draagt bij aan de voortgang van het onderzoek wat ik dit jaar uit ga voeren. Ook hier kan ik in gesprek gaan met studenten en medewerkers van het Rijn IJssel in gesprek kan gaat over het doen van onderzoek. De begeleiding die ik hier krijg vind ik er prettig, er worden handvatten geboden waarmee het doe van onderzoek inzichtelijker wordt voor mij."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

"De afgelopen bijeenkomst was ik echter een van de twee studenten die bij de onderzoekskring aanwezig waren. Veel studenten geven op de momenten van de bijeenkomst les en hierdoor kon ik niet met medestudenten in gesprek gaan over onze onderzoeken. Wel ben ik door de onderzoeksbegeleiders erg goed op weg geholpen met mijn onderzoeksplan."
Anne van Wijhe – werkplekleren 3.

Toetsing

"De IO zie ik voornamelijk bij de evaluaties, hierbij deelt hij actief mee en probeert hij mee te denken in hoe ik mijn leerproces kan verbeteren/aan kan pakken. De SO zie ik wat vaker. Zij komt af en toe bij mij in de les voor een beoordeling maar ook krijg ik van haar intervisie. Ik krijg van haar duidelijke feedback waarbij zij voorbeelden benoemd, hier kan ik dan weer mee oefenen voor de volgende keer."
Marloes Koster – werkplekleren 2a/2b

"De IO is tot op heden alleen nog aanwezig geweest bij mijn tussenbeoordelingsgesprek; komende week komt hij op lesbezoek. De SO is twee keer op lesbezoek geweest, waarvan één keer een prettige ervaring was en één keer wat minder prettig. De tweede les ging niet erg goed, waardoor ik veel negatieve feedback te verwerken kreeg. Zoals eerder benoemd, ben ik al uitzonderlijk kritisch op mezelf waardoor ik het vertrouwen flink daalde. Zeker omdat er voor mijn gevoel veel van dit lesbezoek afhing. Hier hebben wij later alsnog een goed gesprek over kunnen hebben, wat voor mij weer erg leerzaam was omdat ik op deze manier toch een spiegel voorgehouden kreeg; hoe kom ik op anderen over en wat straal ik uit?"
Renske Willems – KOP-opleiding semester 1