Instituutsopleider Carlijn: “Effectieve begeleiding begint met vertragen”
22 juni 2026Binnen het platform ‘Samen Opleiden & Professionaliseren’ zetten de HAN, Opleidingsschool A&A en de ROC’s aankomend schooljaar nóg sterker in op succesvolle begeleiding van onder meer PDG-dio’s (docenten-in-opleiding). Dit zijn zij-instromers die vanuit hun vakgebied de overstap maken naar het mbo-onderwijs. Mede met het oog hierop start Carlijn van Diepen in september als instituutsopleider bij A&A. In dit artikel stelt ze zich voor en deelt ze haar visie.
Carlijn werkt ruim acht jaar als lerarenopleider op de HAN. “In deze rol ben ik vooral betrokken bij het opleiden van zij-instromers in het mbo, ofwel PDG-dio’s (Pedagogisch Didactisch Getuigschrift). Daarvoor heb ik ook een tijd in het mbo gewerkt. Eerst als docent, later als teamcoördinator. Mijn interesse ligt in het opleiden van docenten. En wel op zo’n manier, dat ze ook écht langdurig inzetbaar zijn.”
Vol energie starten
Want qua langdurige inzetbaarheid ziet Carlijn de nodige verbeterkansen. Ze legt uit: “De meeste startende docenten kiezen heel bewust voor het vak van docent. Dat geldt zowel voor zij-instromers als voltijd-dio’s. Ik zie ze vol passie starten, maar het is verrassend hoe dat soms verandert als ze eenmaal de praktijk ingaan. De werkdruk is hoog, ze krijgen te maken met de meest diverse doelgroepen en de uitdagingen die daarbij horen. De grootste fout? Te weinig tijd en aandacht voor begeleiding van deze beginnende docenten. Niet omdat we dit niet willen, maar omdat de tijd er meestal niet is. Uit onderzoek blijkt dat dat ontbrekende begeleiding bij de opstart de belangrijkste reden is voor uitval. Vertragen en bewust tijd nemen voor reflectie is dus noodzakelijk. Daar wil ik me samen met schoolopleiders en werkplekbegeleiders voor inzetten.”
Te snel loslaten
Carlijn werkte zelf jaren in het mbo, ze weet hoe het gaat. “Starters willen zo graag en zeggen vaak: laat me maar alleen in de klas, ik kan het zelf wel. En zeker van PDG-dio’s denken we te snel: zij zijn volwassen, hebben volop werkervaring en weten wel hoe het zit. Ook zij staan vaak te snel alleen voor de klas.”
Daar zit de crux. Ja, PDG-dio’s hebben volop werkervaring, maar wél in een compleet ander vakgebied. Inmiddels weten we dat er veel verloop is op ROC’s. Carlijn vervolgt: “Laatst nog sprak ik iemand die jarenlang in de beveiliging had gewerkt. Hij maakte de overstap naar docent op een ROC, maar vertelde dat de werkdruk gigantisch was. Hij had nooit écht de tijd gehad om te landen als docent. Daarom heeft hij de keuze gemaakt om weer terug te gaan naar zijn oude beroep.”
Vertragen als uitgangspunt, voor iedereen
Een gemiste kans. En het kán anders, gelooft Carlijn. “Als je deze doelgroep weet te behouden door goede begeleiding, dan heb je iets heel erg moois in handen. Het is dan ook belangrijk dat we binnen Samen Opleiden en Professionaliseren hier nog meer focus op gaan leggen. Mijn uitgangspunt: de dio krijgt voldoende tijd om zich te ontwikkelen. En zelfs voor snel lerende dio’s geldt dat het tempo traag moet zijn. Met oog voor een geleidelijke opbouw van verantwoordelijkheden. En aandacht voor de kwaliteiten en ervaring die zij-instromers meebrengen.”
Gezamenlijke structuur
Vanaf volgend jaar wordt de begeleiding van PDG-dio’s dus beter ingebed binnen Samen Opleiden en Professionaliseren. Wat betekent dat concreet? Carlijn: “Vooropgezet: er gaat al veel goed, maar het kan altijd beter. De nieuwe aanpak is minder afhankelijk van individuele teams of personen. We werken naar een gezamenlijke structuur, waarin instituutsopleiders, schoolopleiders en werkplekbegeleiders samenwerken aan effectieve begeleiding van de dio’s.”
Maatwerk
Carlijn vervolgt: “PDG-dio’s zijn veelal professionals die al een hele carrière achter de rug hebben. Het zijn technici, kappers, schilders of zorgprofessionals die hun kennis willen overdragen in het onderwijs. Het is een heel interessante doelgroep. Zij brengen volop vernieuwing en praktijkkennis mee, maar hebben weinig leservaring. Dat vraagt om maatwerk. Door de begeleiding beter en nog doordachter te organiseren, krijgen zij-instromers de juiste ondersteuning tijdens hun ontwikkeling als docent.”
Docent worden én blijven
Carlijn kijkt ernaar uit om aan de slag te gaan. “Als instituutsopleider ga ik in de eerste plaats samenwerken met de schoolopleiders en werkplekbegeleiders. Zij begeleiden op hun beurt de dio’s op de werkplek. Samen met hen wil ik dio’s structureel de ruimte bieden, zodat ze de tijd krijgen om goed kennis te maken met álle kanten van dit veelzijdige beroep. Door te vertragen zorgen we ervoor dat zij zich kunnen ontwikkelen tot volwaardige docenten. En dat zij dit ook willen blíjven.”